Willem Debeuckelaere: nieuwe voorzitter August Vermeylenfonds

Het Vermeylenfonds (VF) verkoos Willem Debeuckelaere tot nieuwe algemeen voorzitter. Willem is al vele jaren lid van het fonds en is bovendien erg gecharmeerd door het nieuwe elan in de organisatie. Hij zal zich inzetten om de span- en daadkracht van het Vermeylenfonds te versterken. Willem schreef zelf een tekst voor ons over de passies en hoogtepunten zijn leven.

Willem Debeuckelaere4

Mijn jeugd heb ik doorgebracht in West-Vlaanderen, vooral dan in Oostende.  De vloed, de eigenzinnigheid van de stad aan zee.  Daar waar alles terugkeert.

In Gent, universiteit, ben ik snel in het vaarwater van de contestatie terechtgekomen, de directe actie: de wetswinkel, Schamper, het werkgroepenconvent, de studentenradio. Een heerlijk kot met Koen, Hilde, Jean-Paul, Marie-Anne… een smeltkroes van spitante ideeën, het hertimmeren van de wereld en de poëzie van het studentenbestaan.

In 1977 legde ik de eed af als advocaat, werk dat ik tot 1995 met veel inzet en voldoening heb gedaan.  En ook actief in de Liga voor Mensenrechten: vanaf 1983 werd ik voorzitter voor Vlaanderen.  Confronterend en zoekend hoe mensenrechten in kunnen werken in de praktijk: politiegeweld bij de sluiting van de mijnen in Limburg, de eerste duidelijke tekenen van het nieuwe racisme en het onvermogen van de overheid om inburgering waar te maken, Hélène Pastoors …  Een eerste proces tegen het Vlaams Blok werd afgedaan als onontvankelijk.

Kabinet Binnenlandse zaken met Johan Vande Lanotte, boeiende en drukke jaren: Agusta, de Euro, Dutroux: de meest intensieve bijscholing in politiek, realiteit en waan van de dag die je je maar kan indenken.   En hoe het wel of niet werkt… marcheert... blokkeert of floreert.

Ik verliet het politiek gebeuren om vele redenen, ook om mijn certificaat dat ik eerder behaalde voor de magistratuur te verzilveren.  Rechtbank van eerste aanleg te Gent, Hof van Beroep. Maar dan was er de oproep voor de Privacycommissie.  Ik had tijdens de Liga-jaren en ook daarna veel gewerkt rond de bescherming van persoonsgegevens en die oproep leek me wel wat.  Ik werd ondervoorzitter, 2004, en tijdens de SWIFT affaire voorzitter, 2007.  Met de kleine maar geëngageerde ploeg van de Privacycommissie heb ik dan uitdagingen kunnen verkennen, vooral met de GAFA’s, Facebook in het bijzonder.  Dat heeft geleid tot een spraakmakende procedure voor de Belgische gerechten.  In coalitie met buitenlandse zusterorganisaties. Met een Europees mandaat als resultaat. Tot 25 mei van dit jaar wanneer een nieuwe directie voor de Gegevensbeschermingsautoriteit wordt ingezworen.  Op de teller staat dan 65 jaar. Pensioen. En nog uitzicht op zinvol werk: gastprofessor aan de Universiteit Gent, rechten.

En dan komt het Vermeylenfonds langs.  Al zovele jaren lid en supporter, maar een leidende functie, voorzitter, opnemen?  Met schroom: je laat dat eerst over aan wie al zoveel meer voor de organisatie heeft bewerkstelligd. Vanuit het niets kandideren doe je zomaar niet.

Maar het lonkt uiteraard: een gevestigd instituut dat zich in de laatste jaren in een vernieuwingsproces heeft opgewerkt tot een frisse aantrekkelijke cultuurorganisatie. Met die vele actieve kernen. En een enthousiast centraal team als DAK.  De rails liggen er, de treinen rijden.

Anno 2019 is nog maar eens duidelijker geworden dat cultuur op het politieke schaakbord wordt gezet. Het is dan ook zaak dat progressief Vlaanderen aanwezig en alert daarop ingaat.  En dan gaat het niet alleen om de centen en procenten maar ook over de essentie van het debat.  En daar zal ook het Vermeylenfonds haar eigenheid moeten uitdragen: “Wij willen Vlamingen zijn om Europeeërs te worden”.  Vanuit het provincialisme en voorbij het nationalisme naar de internationale: de identiteit is niet uniek maar is een caleidoscoop en opgang naar de wereldburger: “Vlaming zijn om humanist te blijven”.

En dan is er de maatschappelijke uitdaging: de charme van het sociaal-cultuurgebeuren in Vlaanderen is een essentiële aanvulling en aandrijver op het institutionele culturele veld.  De zalen en de bibliotheken hebben publiek nodig en daarvoor zijn de fondsen noodzakelijk.  Een progressieve invulling is het werk van het Vermeylenfonds. Op het fronton van de theaterzaal van Vooruit staat “KUNST VEREDELT”, lekker ouderwets, bemoederend maar ook een grote waarheid. Voor mij is het koesteren van cultuur, taal, kennis, schoonheid en weten een hefboom in ontvoogding van elke mens die hier in onze contreien leeft en toekomst zoekt. Het Vermeylenfonds kan die opdracht en uitdaging aangaan en vanuit haar missie bijdragen tot versterking, ontvoogding en bevrijding van eenieder die hier leeft, woont, werkt en hoopt op een fatsoenlijk leven.

Dat zijn dan de drie aantrekkelijke redenen om goesting te hebben om voorzitter te worden van het Vermeylenfonds.  Ik heb er wel een warm gevoel bij. Teveel is het middenveld aangevallen maar als opbouwende kracht in onze samenleving is het een heilzame en emanciperende kracht gebleken: die warmte en kracht wil ik helpen versterken en uitbouwen. Om solidariteit en emancipatie te consolideren en te versterken. Cultuur werkt.

(Foto homepage Robert Huygens)